Gabriel Financiele Bescherming header

Pensioen


          

Pensioen wordt meestal geassocieerd met de periode van ‘rust’ na de werkzame periode (meestal 65, 66 of 67 jaar). Dit is ook een belangrijk onderdeel van pensioen. Dit wordt het ouderdomspensioen genoemd. Wel is pensioen breder. Als je zou komen te overlijden of langdurig arbeidsongeschikt zou worden is er vaak ook sprake van een pensioen. Een nabestaandenpensioen of arbeidsongeschiktheidspensioen wordt dat genoemd.

Hoe werken wij

Om te kunnen beoordelen hoe jouw pensioen er uit komt te zien, zoeken we eerst uit op welk pensioen jij volgens jouw lopende voorzieningen recht hebt. Als we een duidelijk beeld van jouw pensioensituatie hebben, kunnen we vervolgens kijken of jij daar tevreden mee bent. Indien er een pensioentekort bestaat, kunnen we jou goed en onafhankelijk adviseren hoe je deze tekorten geheel of gedeeltelijk kunt oplossen. Iedere situatie is verschillend en daarom zoeken we naar maatwerkoplossingen. Wij zoeken een passende oplossing met zo laag mogelijke kosten. Van te voren spreken we met jou af welke kosten je aan ons betaalt.

Wat houdt pensioen in

Pensioen wordt meestal geassocieerd met de periode van ‘rust’ na de werkzame periode (meestal 65, 66 of 67 jaar). Dit is ook een belangrijk onderdeel van pensioen. Dit wordt het ouderdomspensioen genoemd. Wel is pensioen breder. Als je zou komen te overlijden of langdurig arbeidsongeschikt zou worden is er vaak ook sprake van een pensioen. Een nabestaandenpensioen of arbeidsongeschiktheidspensioen wordt dat genoemd.

*Ouderdomspensioen

Als na de werkzame periode het pensioen start is er nog steeds een inkomen nodig. Mensen geven in hun vrije tijd vaak zelfs meer uit en daarvoor is geld nodig. Dit pensioen bestaat uit drie pijlers:

De eerste pijler is het basispensioen. Dit is door de Nederlandse overheid geregeld. Deze pijler heeft als doel om een minimale basisvoorziening te scheppen om armoede onder ouderen te voorkomen. We noemen dit de AOW.

De tweede pijler bestaat uit pensioenrechten die de werknemers tijdens hun werkzame leven opbouwen in de pensioenregeling(en). Het pensioen uit de tweede pijler wordt altijd opgebouwd in de werkgever/werknemer verhouding en vormt een aanvulling op de AOW uit de eerste pijler.

De derde pijler zijn de vrijwillige regelingen. Alle inkomensvoorzieningen die mensen zelf treffen vallen hieronder. Dit kunnen lijfrenten, levensverzekeringen en inkomsten uit eigen vermogen zijn. Zelfstandigen, ondernemers of werknemers die geen pensioenregeling hebben zijn voor hun pensioenopbouw (naast de AOW) volledig aangewezen op pensioenopbouw in de derde pijler.

*Nabestaandenpensioen

Als iemand komt te overlijden dan valt zijn of haar inkomen weg. Daarvoor in de plaats is er het nabestaandenpensioen als er een partner en/of kinderen achterblijven. Ook hiervoor kunnen de drie genoemde pijlers gelden. Vanuit de overheid is er een basisvoorziening. Dit noemen we de ANW. Anders dan de AOW is deze voorziening er niet altijd. Je moet ervoor voldoen aan bepaalde eisen, zoals bijvoorbeeld een kind hebben die onder de 18 jaar. 

Als je als werknemer een pensioenregling hebt is bijna altijd ook een nabestaandenpensioen verzekerd. Dit geeft een aanvulling op de basisregeling van de overheid. Of dit dan voldoende vervanging van het inkomen is verschilt per situatie. Daarvoor is van belang wat de wensen zijn. Gaat de overblijvende partner in die situatie dan ook (meer) werken? Of juist minder omdat het dan wenselijk is dat er meer tijd is voor de kinderen? Welke kosten vallen er weg en welke kosten komen er juist bij? Daarnaast is ook van belang wat er verder al geregeld is. Als bijvoorbeeld de hypotheek bij overlijden van één van de partners wegvalt waardoor de kosten lager worden zijn er ook minder inkomsten nodig. 

Belangrijk is om in kaart te brengen hoe de financiën worden in zo een situatie en dan na te gaan of die achteruitgang voor jullie acceptabel is. Als de achteruitgang meer is dan wenselijk dan kan dit aangevuld worden middels de derde pijler; een (extra) eigen voorziening, zoals bijvoorbeeld een levensverzekering.

*Arbeidsongeschiktheidspensioen

Het kan ook voorkomen dat je bijvoorbeeld als gevolg van een ongeval of ziekte niet meer kunt werken. In dat geval heb je toch inkomen nodig. Als je in loondienst bent wordt als je geluk hebt het eerste jaar het loon volledig doorbetaald. Het tweede jaar wordt het loon meestal voor 70 % doorbetaald. In sommige gevallen wordt ook in het eerste jaar het loon slechts voor 70 % doorbetaald of vervallen inkomensbestanddelen zoals bijvoorbeeld provisie of onregelmatigheidstoeslag. Na twee jaar ziekte stopt de werkgever vaak met doorbetaling van je loon en krijg je een inkomen vanuit de overheid vanuit de WIA. Als je volledig arbeidsongeschiktbent en ook geen kans tot herstel hebt ontvang je 75 % van je laatstverdiende inkomen tot een vastgesteld maximum. Als je gedeeltelijk arbeidsongeschikt bent is de hoogte van de uitkering o.a. afhankelijk van in hoeverre je het deel wat je wel kan werken ook benut. Als dit voor minder dan 50 % lukt valt het inkomen vaak drastisch terug. Soms wel tot onder het minimumloon. 

In een pensioenregeling via de werkgever is er soms een aanvulling op het inkomen verzekerd als je arbeidsongeschikt zou worden. De hoogte daarvan verschilt. Soms is dit een vast bedrag of een bepaald percentage (bijvooorbeeld 10 %) van het inkomen of wordt gegarandeerd dat het inkomen niet meer terugvalt dan 70 % van je inkomen. Helaas is in veel pensioenen er helemaal geen voorziening geregeld voor arbeidsongeschiktheid. Vaak is wel geregeld dat de pensioenopbouw voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen kosteloos doorloopt.

Ook voor het geval van arbeidsongeschiktheid adviseren wij om in kaart te brengen hoe de financiën worden in zo een situatie en na te denken hoe jij/jullie de situatie zien als dat zou gebeuren. Wil je dan blijven wonen waar je nu woont? Als er een partner is, kan en wil die dan meer gaan werken? Of juist minder omdat er dan misschien verzorging nodig is? Welke uitgaven zou je acceptabel vinden om dan niet meer te doen? Door de bepalen hoe de situatie nu geregeld is en wat de achteruitgang is die voor jou maximaal acceptabel is kan je verantwoord keuzes maken of een eigen voorziening nodig is.